
In verband met de deadline hier de oplevering van het project:
Oplevering:
Opleverpagina (indien gewenst)
Hier de schets van mijn tweede visuele concept. Dit concept wordt ‘t:
In de praktijk kent Nederland geen militaire dienstplicht meer. De dienstplicht is formeel niet afgeschaft, slechts de opkomstplicht is opgeschort. De krijgsmacht bestaat thans geheel uit beroepspersoneel voor bepaalde en voor onbepaalde tijd. Naar schatting zijn ruim 2,8 miljoen mannen en 2,7 miljoen vrouwen geschikt voor militaire dienst. In totaal dienen ruim 45.000 mannen en vrouwen bij de krijgsmacht.
Na het ondervragen van 5 leden van de doelgroep met de volgende vraag:
‘Als de dienstplicht weer wordt ingevoerd en je wordt opgeroepen voor het leger, zou je dan kiezen om te gaan vechten (bijv in Irak) of om een jaar gevangenisstraf uit te zitten en niet te hoeven vechten.’
hier de uitslag:
Vechten: 1/5
Gevangenisstraf: 4/5
Enige reacties:
‘laat mij maar naar de gevangenis gaan,…dan blijf je nog leven (tegenwoordig)’‘vooral om dat ik niet voor een of andere president/leider wil vechten omdat hij / zij dat nodig vindt.’
‘ik ben dan een pussy die toch niet durft te gaan vechten’
‘ik zou gevangenis gaan omdat oorlog kut is’
‘het ligt ook aan t gebied waar je heen gaat’
‘oorlog is niks voor mij’
‘uuhm…vechten…?’
Bron: CBS; De Nederlandse samenleving 2004, blz 152.
Vooral jongeren (18-25 jaar) tonen minder animo om vrijwilligerswerk te doen. Het aandeel vrijwilligers onder hen is afgenomen van 48 procent in 2000 tot 38 procent in 2003. Bij de bevolking in totaal is het vrijwilligerswerk afgenomen van 45 naar 42% . Een mogelijke oorzaak is het toegenomen hedonisme en materialisme onder jongeren. Jongeren zijn in de periode 1999-2002 meer belang gaan hechten aan ‘plezier maken’, ‘van het leven genieten’, en het ‘financieel goed hebben’. Ook bekend is dat meer jongeren een betaalde bijbaan hebben. Daardoor blijft er minder tijd over om vrijwilligerswerk te doen. Tegenover de daling van het aantal vrijwilligers staat een lichte toename van de hulp die niet in organisatorisch verband plaatsvindt: de informele hulp aan vrienden, familie en kennissen. Deze ontwikkelingen duiden op een verschuiving van de aard van de hulp: van vrijwilligerswerk binnen organisaties naar informele, niet-georganiseerde, hulp aan vrienden, kennissen en familie. Deze verschuiving is echter vooralsnog beperkt.
Wie durft er nog het leger in?
Door: Maaike Boersma
Gepubliceerd: maandag 5 november 2007 00:01
Update: maandag 5 november 2007 00:02
Defensie kampt met grote personeelstekorten en kan maar moeilijk de vacatures vervullen. Toch namen honderden jongeren een kijkje tijdens de oriëntatiedag van de Defensie Academie.
Vrijheid voor de Europese jeugd!
Door Christopher Lingle Gepubliceerd in: Vrijbrief 171 (november/december 1992)
Christopher Lingle is als professor in de economie verbonden aan de University of Natal in Durban, Zuid-Afrika. Recentelijk is hij tevens werkzaam geweest voor het Miami University European Centre en het Centre Universitaire de Luxembourg, beiden in Luxemburg gevestigd. Onderstaand artikel schreef hij als Position Paper voor de International Society for Individual Liberty.
Een van de uitgangspunten van de Verklaring van de Rechten van de Mens uit 1789, ten tijde van de Franse Revolutie, is de autonomie van het individu inzake de keuzevrijheid in ‘een groot aantal zaken, waaronder de beroepskeuze.
Alle Europese burgers zouden moeten stilstaan bij het feit dat de militaire dienstplicht in strijd is met dit uitgangspunt. Het is interessant op te merken dat de principes, die een dergelijke onderwerping van individuele vrijheid rechtvaardigen teneinde de maatschappij te dienen, vergelijkbaar zijn met de collectivistische uitgangspunten van het socialisme.
Huishoudenspositie van meerderjarige jongeren
Gemiddeld verlaten jongeren het ouderlijk huis op 22-jarige leeftijd. Meisjes vertrekken eerder dan jongens. Op 21-jarige leeftijd is de helft van alle meisjes uit huis, terwijl deze leeftijd voor jongens twee jaar hoger ligt. De meerderheid van de jongeren woont eerst korte of langere tijd alleen.
Op 1 januari 2002 woonde bijna 60 procent van de 18–24-jarigen nog bij zijn of haar ouders, 18 procent van deze jongeren woonde alleen en 13 procent woonde ongehuwd samen. Slechts 5 procent van de jongeren in deze leeftijdsgroep was getrouwd. Een van de honderd 18–24-jarigen maakte als ouder deel uit van een eenouderhuishouden.
Autochtone jongeren blijven langer bij hun ouders wonen dan allochtone jongeren. Tweederde van de autochtone mannen in de leeftijd 20–24 jaar woont nog bij de ouders thuis. Bij de niet-westerse allochtonen is dit aandeel eenderde. Turken verlaten relatief vroeg het ouderlijk huis. Onder deze bevolkingsgroep is trouwen vanuit het ouderlijk huis op relatief jeugdige leeftijd gebruikelijk.
Merendeel jongeren woont bij ouders
Negen van de tien jongeren van 18 jaar wonen nog bij hun ouders. In totaal woont nog zestig procent van de 18-24 jarige jongeren bij hun ouders. Van de 24-jarigen heeft bijna driekwart het ouderlijk huis verlaten. Vrouwen gaan eerder uit huis dan mannen. Op 23-jarige leeftijd woont van de mannen de helft nog bij de ouders, terwijl van de vrouwelijke leeftijdsgenoten dat nog maar een kwart is.
Traditionele en moderne jongeren
Financiële en maatschappelijke zekerheid zijn voor veel jongeren belangrijk. Ook houden jongeren erg van plezier maken en van genieten van het leven. Daarmee zijn ze de meer traditionele waarden niet uit het oog verloren. Zeven van de tien jongeren hechten aan een gelukkig gezinsleven en de helft van de jongeren noemt zichzelf nog kerkelijk.
De debriefing: Klik Hier
Hieronder de eerste schets van het concept zoals ik het nu voor me heb, visueel uitgedrukt.
Welkom op het blog dat mijn activiteit zal weergeven tijdens het project ‘De Nieuwe Idealist’.